Verbindend organiseren brengt Triple‑C in beweging: als iedereen samen optrekt, ontstaat een goede basis die cliënten écht vooruithelpt. Wanneer teams dezelfde koers pakken en elkaar steunen, ontstaan er successen die zorgen voor groei, vertrouwen en menswaardige zorg. Remco Gillissen en Tess Tournier van de Triple-C Werkplaats vertellen dat je dit kunt bereiken met ‘verbindend organiseren’.
Verbindend organiseren gaat over de vraag hoe je binnen een organisatie de voorwaarden schept om gehechtheid en menswaardige zorg mogelijk te maken. Dit zijn belangrijke doelen van Triple-C. Het gaat niet alleen over wat individuen doen, maar over de hele organisatie.
Gehechtheid organiseren
Volgens Remco begint verbindend organiseren bij de kernvraag: Hoe organiseer je relatieopbouw en gehechtheid ? Een gehechtheidsrelatie geeft cliënten een gevoel van veiligheid en vertrouwen. Deze relatie ontstaat doordat begeleiders herhaaldelijk samen met cliënten betekenisvolle activiteiten uit het dagprogramma succesvol uitvoeren. Dit succes ontstaat niet vanzelf; het hele systeem draagt eraan bij. Zoals een scherpe beeldvorming van de orthopedagoog, het voorleven in de praktijk van een ervaren medewerker en coaching die een teamleider biedt aan zijn team. Tess benadrukt dat alle betrokkenen in het primaire proces een rol hebben in het gezamenlijk creëren van menswaardige zorg waarin successen kunnen ontstaan. Van begeleiders tot managers en orthopedagoog.
Een gedeeld doel, verschillende rollen
Verbindend organiseren betekent dat verschillende professionals samenwerken aan één gemeenschappelijk doel: het realiseren van een goed en betekenisvol leven voor cliënten. Elke professional draagt daaraan bij vanuit zijn eigen rol en expertise. Die gezamenlijke verantwoordelijkheid zorgt voor inhoudelijke verbinding tussen medewerkers.
Structuren en normeringen
Om verbinding te behouden, zijn duidelijke structuren nodig. Triple-C werkt daarom met normeringen zoals:
- kleine teams, zodat cliënten niet met teveel begeleiders een gehechtheidsrelatie hoeven op te bouwen en medewerkers elkaar beter kennen;
- relatief grote contracten van minimaal 24 uur, zodat medewerkers vaker aanwezig zijn, wat ten goede komt aan de relatieopbouw en continuïteit ;
- een vaste overlegstructuur: maandelijkse zorgoverleggen, werkoverleggen en driehoek-overleggen (teamleider, orthopedagoog, manager) waarin steeds het behandelklimaat, verbindend organiseren en coaching van medewerkers centraal staat.
Deze overlegvormen zijn niet vrijblijvend, maar essentieel om koers te houden, tijdig bij te sturen en proactief met elkaar in gesprek te blijven.
De rol van de meewerkend teamleider
Een belangrijk element van Triple-C is de meewerkend teamleider, die maar één woning aanstuurt. Daardoor kan hij of zij veel aanwezig zijn op de werkvloer, dichtbij het team en bij de cliënten. De teamleider coacht medewerkers, bewaakt samen met de manager en orthopedagoog een veilige werkomgeving waarin kwetsbaarheden bespreekbaar zijn.
Verbondenheid binnen teams
Verbinding binnen teams ontstaat niet alleen door gezelligheid of persoonlijk contact, maar vooral door gedeelde inhoud en een gezamenlijke perspectief waar je naar toe werkt. Onderlinge verbondenheid groeit wanneer medewerkers samen aan complexe zorgsituaties werken, elkaar ondersteunen bij stressvolle momenten en gezamenlijk successen ervaren. In kleine teams zijn de communicatielijnen korter, waardoor er minder ruis ontstaat en medewerkers elkaar vaker zien en vertrouwen.

De weerbarstige praktijk
Hoewel normeringen richting geven, blijft de praktijk complex. Soms loopt een team vast, zijn er hoge verzuimcijfers of veel flexmedewerkers nodig. Volgens Tess en Remco is het dan belangrijk om terug te keren naar de basisnormen: stabiliteit, vaste gezichten en duidelijke kaders. De driehoek moet in zulke periodes extra nabij zijn, medewerkers meenemen, ondersteunen en zorgen voor duidelijkheid door een plan van aanpak om weer aan de normering te kunnen voldoen. Medewerkers moeten zich gezien en gehoord voelen. Dit heeft invloed op hun vermogen om stabiel en sensitief te kunnen reageren op cliënten.
Nabijheid en aanwezigheid
Beide sprekers benadrukken hoe belangrijk het is dat leidinggevenden en orthopedagogen letterlijk aanwezig zijn op de groepen. Alleen dan kunnen zij zien wat er speelt, signalen begrijpen en een accuraat beeld krijgen van de situatie. Observatie vanuit verschillende perspectieven – teamleider, orthopedagoog, manager – geeft rijkere informatie en maakt het mogelijk om teams gericht te ondersteunen.
Risico’s bij gebrek aan nabijheid
Bij onvoldoende nabijheid kunnen ongewenste patronen ontstaan, zoals: gesloten teams, grensoverschrijdend gedrag, geen respectvolle bejegening en stressreacties die niet worden opgevangen.
Deze patronen kunnen snel groeien als er niet tijdig wordt bijgestuurd. Daarom is het belangrijk om vroegtijdig signalen op te pakken en bespreekbaar te maken voordat gedragingen normaliseren.
Een cultuur van steun en veiligheid
Tot slot benadrukken Tess en Remco dat medewerkers moeten weten dat zij op elkaar kunnen rekenen, zeker in stressvolle situaties. Als medewerkers niet op elkaar kunnen bouwen, ontstaat vermijding: moeilijke situaties worden dan omzeild, wat ten koste gaat van de cliëntzorg. Verbindend organiseren betekent daarom ook het creëren van een veilig teamklimaat waarin collega’s kwetsbaar durven te zijn, elkaar steunen en taken samen aangaan.